Stap-voor-stap reparatie:
-
1Controleer de diameter van de waterleidingen en vergelijk deze met de aanbevolen diameter in the systemhandleiding. Overweeg het vervangen van dunne leidingen door dikkere (bijvoorbeeld 22mm).
-
2Ontlucht het verwarmingssysteem grondig. Gebruik een automatische ontluchter op het hoogste punt van het systeem.
-
3Reinig het verwarmingssysteem met een daarvoor geschikt reinigingsmiddel. Spoel het systeem daarna goed door.
-
4Controleer de instellingen van de warmtepomp en pas deze aan indien nodig. Stel de aanvoertemperatuur zo laag mogelijk in, maar hoog genoeg om de woning comfortabel te verwarmen.
-
5Laat de sensoren van de warmtepomp controleren en kalibreren door een erkende installateur.
-
6Laat de leidingen controleren op verstoppingen of vernauwingen. Laat de leidingen indien nodig reinigen of vervangen.
-
7Controleer de waterdruk in het systeem; deze moet voldoende zijn om een goede doorstroming te garanderen. Vul het systeem bij indien nodig.