Aanbevolen actie:
-
1Controleer de waterleidingen op zichtbare bevriezing. Gebruik een föhn (voorzichtig) om eventuele bevriezing te verhelpen, maar gebruik nooit open vuur.
-
2Controleer de circulatiepomp op werking. Controleer of de pomp draait en geen vreemde geluiden maakt.
-
3Ontlucht het systeem om eventuele lucht te verwijderen. Gebruik hiervoor de ontluchtingsnippels op de radiatoren en de warmtepomp zelf.
-
4Controleer de NTC temperatuursensoren met een multimeter. Vergelijk de gemeten waarden met de specificaties van de fabrikant.
-
5Controleer de antivriesconcentratie in het watercircuit met een refractometer. Vul bij indien nodig (gebruik een geschikt antivriesmiddel voor warmtepompen).
-
6Controleer de werkschakelaar van de warmtepomp en de stroomtoevoer.
-
7Reset de warmtepomp door de stroom gedurende 5 minuten uit te schakelen.