Aanbevolen actie:
-
1Controleer de waterdruk in het systeem. Vul het systeem bij tot de aanbevolen druk (meestal tussen 1,5 en 2 bar) volgens de handleiding.
-
2Ontlucht het systeem grondig. Begin bij de radiatoren op het hoogste punt in de woning. Controleer en ontlucht ook de warmtepomp zelf (indien mogelijk volgens handleiding).
-
3Inspecteer de circulatiepomp. Controleer of de pomp draait en niet vastzit. Controleer de bedrading en spanning met een multimeter (veiligheid in acht nemend!). Indien nodig, vervang de pomp.
-
4Reinig of vervang de flowsensor. Controleer de sensor op vuil en kalkaanslag. Test de sensor met een multimeter (indien mogelijk) of vervang hem.
-
5Controleer op verstoppingen. Spoel het systeem door om vuil en kalkaanslag te verwijderen. Inspecteer en reinig/vervang filters.
-
6Reset de warmtepomp. Schakel de warmtepomp uit via de werkschakelaar, wacht 5 minuten en schakel hem weer in. Controleer of de foutcode verdwenen is.
-
7